Zoet & D’rop – persbericht

Eindelijk

Hij is er eindelijk, de langverwachte bundel van Jee Kast,
de Hasseltse woordkunstenaar heeft na zes jaar een nieuwe publicatie.

‘Een tussendoordichtbundel’ zo beweert hij. Toegankelijke stukjes om tussendoor te lezen. “Soms maak ik dingen voor een breed publiek dat bewijst ook het verrassende succes bij Belgium’s got Talent. Deze bundel is dan ook meer taalspel met een zomers onderwerp.”
“Zoet & D’rop” is een zomerbundel voor in je handtas, of in je achterzak. Zonder pretentie. Frisse poëzie over liefde, met de nuchtere kijk, lust en de nodige ongein.
“Op publicatievlak was het altijd een beetje stil, mijn focus lag niet echt op publiceren. Met een groot deel van mijn werk sta ik op de planken en ik heb altijd het gevoel dat uitgeverijen wat anders willen dan mijn publiek. Dus het blijft zoeken. Nu zitten er twee bundels in de lift en de eerste bundel is er eentje in eigen beheer. ”

De bundel
– handig & voor overal
– postkaartformaat A6
– 64 Blz., full color
– Feelgood, realistisch, relaties en ongein. Liefde, lust en paradox…

Bundelcover Zoet & D'ropZOet & D'rop cover
Prijs: 10,95 ,- Inbegrip van post/verzendingsonkosten.
Kom je me op een optreden tegen kan je hem kunnen krijgen aan 9,5,-.

In Hasselt zal de bundel vanaf woensdag alvast in de boekhandels Grim en De Verloren Tijd liggen aan 10,95 of je kan er eentje hier bestellen:

– Stuur me een mailtje met je postadres via het contactformulier
– je krijgt mijn bankrekeningnummer
– Betaling en posten en in de sjakosch.

Het contract

Waar ze zich bevinden, heb ik nooit eerder geweten. Tot nu. Het was zo een achterkamertje waar geheimen werden besproken en contracten werden getekend. Die achterkamertjes liggen achterin, in normale huizen. Herenhuizen die bewoond lijken, maar stiekem een kantoor zijn, een hoofdzetel van een illuster genootschap huisvesten, of een veganistische radicale groepering herbergen.

Ze vroegen of ik er wel klaar voor was. Ik knikte. Dat ik anders bekeken zou worden na dit alles. Ik knikte. Het was ook niet zomaar een akkefietje. Ik was geen bootje op zee, waar even het licht van de vuurtoren op scheen en het zoeklicht dat het dobberend bootje niet opmerkte.
Ik plaatste mijn rechterhand op de plek waar hij moest liggen om in het met een x’je gemarkeerde vakje mijn handtekening te zetten. De balpen klikte, in aanslag, net boven het papier. De man halvelings in de schaduw stak zijn handen op. Gebaarde dat ik even rustig moest zijn. Alsof de bic die ik aangeklikt had,een slagpin uit een granaat was en het contract de bom.

“Als je ‘schat, wat eten we vanavond? – Haast-alles-is-vervallen-in-de-frigo-quiche – Oh, lekker, dat weer.’ op social media plaatst, gaan mensen conclusies trekken.”
Conclusies, herhaalde een tweede man in het duister. Ik klikte de balpen terug uit. Dit kon wel eens lang gaan duren, als hier alles herhaalt werd.

“Dat je verloofd bent of getrouwd, of dat je alle eten bijna laat vervallen alvorens het op te eten. Wat dan weer eerder gebeurt als je vrijgezel bent, wat weer tegenstrijdig is, dus die ‘schat’ zou best wel eens een maitresse kunnen zijn. Mensen trekken vaak overhaaste conclusies met wat je ook post.”

“Dat je wel eens een man zou kunnen zijn die in zijn afwaswater rochelt.” zei het onzichtbare gezicht. Het zichtbare gezicht fronste even en keek over zijn schouder. “Mensen trekken tegenwoordig de vreemdste conclusies,” zei de man in de schaduw. Ik keek naar de uitlijn van de man die ik met de wat gebogen schouders best wel in het afwaswater zag rochelen.

“En dat met die vreemde broeken.”
“Pijpen,” bevestigde de tweede man. De zichtbare man haalde zichtbaar adem. Alsof hij zijn geduld aan het verliezen was.
“Misschien moet je dat maar laten. Dat kunstenaarachtige, nonchalant-danserige….”
“Het werkt niet meer als je er wat stijfjes bijloopt.” Ditmaal bevestigde de lichaamstaal van de zichtbare man het verhaal van de man achter in de kamer.
“Misschien moet je meer gaan joggen?” Voegde hij toe.
“Als je fitter bent, of iets leniger, mogen die losse kleren weer.”
“Klereweer.” herhaalde de man in het duister alsof zijn hoofd bij Sabine Hagedoren zat.

“En dat hele Kawi, kawa… Kawisha-verhaal, dat is te vaag.”
“Te vaag.”
“Mensen weten niet meer wat er echt is.”
“Ooh.” zei ik.

Ik klikte de balpen weer aan. De mannen keken alert toe.
“Ik weet het nog niet,” zei ik. De balpen legde ik op het documentje.
“Ik heb bedenktijd nodig.”

Ik stond op. “Nodig.” Herhaalde ik nog een keer voor de man achteraan in het duister.
Mocht hij me niet begrepen hebben.

Jee Kast 2017
— —

Zoet & D’rop komt eraan.
Een klein tussendoordichtbundeltje vooral over liefde, lust & andere ongein.
A6, 64 pagina’s. Een toegankelijk meenemertje voor de vakantie. Bestel hem nu.
Na de zomer komt er weer eens serieuze bundel.

Mr. Kawashi – S1 – E01

Kawashi 01.

Het joggen in een stad als Brussel kan je best ‘s ochtends doen. Het is een ochtendactivteit. De straten fris en de zon meekijkend over je schouder, belovend dat het een warme dag wordt. De dames in werktenue, ook korter en frivoler geworden sinds de jaren 60 en de meeste mannen nog steeds in pak en das. Dezelfde als pakweg de jaren 30. Wat zegt dat nou over evolutie?
‘s Avonds, wanneer de straten en gebouwen drukkend zijn, de zuurstof uit een organisme knijpend dat loom en uitgeput snakt naar bier en terrasjes tot lang na de zon over de horizon is gekropen, is het onmogelijk te joggen. Hoewel er altijd fanatiekelingen zijn.
Ik ben geen fanatiekeling, denk ik wanneer ik de schoenen vastknoop. Drie rondjes max. Het is weer veel te lang geleden.

Wanneer ik loop, kijk ik rond. De dames met hondjes, de meneertjes met een krant en jogsters die naar zonnecrème ruiken alsof ze bij hun geboorte in een toverdrankketel vol nivea zijn gevallen, de joggers die toch weer wat rechter en steviger gaan lopen als ze de nivea ruiken.
Wat verder arriveert een man aan een kantoor. Hij kijk op zijn horloge en gaat even zijn papieren na. Duidelijk dat hij hier een afspraak heeft. De ochtendzenuwen nog niet de baas en bijna laat hij wat papieren vallen. Er broedt wat in mijn achterhoofd wanneer ik mijn tweede rondje afmaak.
Engels of Frans vraag ik me af.
We zitten in de Europese wijk. Engels, dan maar.
Waneer ik halverwege ben en weer het kantoor zie met de dralende man voor, loop ik recht op hem af. Wat nahijgend vertraag ik mijn draf tot ik pal voor hem sta.
Hij kijkt me aan alsof ik allang niet meer naar Basicfit ben geweest, of zelfs nooit een abonnement heb gehad. One sec, gebaar ik op een universele manier. Universeel als universal, Hollywood. Even rusten mijn handen op mijn kniën terwijl ik op adem kom. Mijn rood aangelopen wallen, het zweet dat over mijn voorhoofd de niagara imiteert en de T-shirt die als een lelieblad over mijn borst drijft.

Ik richt mijn gelaat op en vraag tussen twee ademstoten;
“And, I believe, you are mister…?”
“Henderson. Mister Kawashi?” Hij kijkt me aan alsof hij een Aziat had verwacht.
“Yes, I was adopted, “ grinnik ik. “Hold on.” En ik nies alsof ik een allergie voor improvisatie en fantasie heb gekregen.
“Sorry about that. Welcome.” We schudden handen, niet de hand waarin ik nieste.
“I know, it is a bit early, but walk up to the front desk, mention your name. You can wait in my office. I just run around the back and catch a shower and I am right with you.”
Hij aarzelt.

“ We weren’t on till 9.30.” verklaar ik. “It makes your head clearer, morning runnings.”
Hij knikt als een dertiger die nog niet helemaal mee is in de wereld.
“Do ask for a coffee. I’ll be right up.”
De man, ik denk dat hij een scandinaviër is, knikt dankbaar.
Ineens is hij ook veel geruster. Hij leek erg nerveus daarstraks, het moment dat hij aankwam.
Ik loop de hoek om en rep me naar huis.
Onderweg heb ik een glimlach tot achter mijn oren. Mijn hersenen fluiten interne deuntjes. Ik wou dat ik zijn gezicht zo meteen had kunnen zien als hij de echte man met de naam Kawashi zou zien.

Ha. Eigenlijk zou je in Brussel een waterpistool moet bij hebben om iedereen die een tuinslang heeft en de planten of stoep besproeid te kunnen verschrikken. Maar dan bedenk ik me dat ze dat in het gekkenhuis ook doen.
Een koude douche geven. Hehehe.
Kan ik wel gebruiken.

— — —

Mr. Kawashi is een reeks van verhalen die ik in de paasvakantie vertelde in mijn huiskamertournee. Momenteel werk ik aan een tweede serie, check mijn fb.

Michael & Anke

“Als hij nadenkt, zegt’ie hetzelfde.”
Zei Anke toen ik vroeg wat hun moment was. Hetgeen ze aan hun kleinkinderen zouden vertellen bij het haardvuur. Wat zouden ze vertellen?

“We leren lessen, hoe we in Canada samen bergen verzetten, hoeveel de kou, de nakende schemer, zijn we aan het verdwalen? … en we hebben geen eten, geen richting, kortom we stressen om zo kort mogelijk en snel mogelijk van die berg te raken. Die onzekerheid en ravijn, en we steunen op elkaar, elkaar er doorpraten, kom op. Volhouden, samen doorbijten. Die overwinning.”

Die bergpiek en de bergrand, dat verhaal, dat zou verder hun leven ook bepalen.
Beiden het gevoel dat ze eender welke piek over kunnen raken.
Dat ze op eenderwelk moment, op eenderwelke plek het waar kunnen maken.

Dat Michael die in’t begin alle afstandelijkheid doorbrak,
Gewoon een jongen was die joviaal zijn hand opstak.
Die high five veranderde hun leven,
1 week na Pukkelpop en elke dag samen wat,
hoe aftasten voelen, beste maatjes zijn, alles samenvat
Anke is mondig en gevoelig, zorgend en ook moederlijk
Michael beschermt, oprecht, gevoelig en ook haar woorden-schat.

Nooit het gevoel hebben gehad dat er geen land mee te bezeilen viel.
Met beiden het gevoel dat uit een mensenzee ze er eentje uit de duizend aan overhielden.

Vertel die kleine belevenissen, gebeurtenissen van de dag.
Kom, arm om je heen, hoe hij Anke opving.
Dat ze er waren voor elkaar
in kleine muizenissen
of als het echt moeilijk ging,
Ze kunnen hunzelf bij elkaar zijn,
ze gunnen hunzelf te genieten, en delen elkaars pleziertjes
hoe makkelijk en hoe goed het aanvoelde dat liefde onvoorwaardelijk was.
“Ik voel me goed, gewoon, thuis en op mijn gemak.”
Michaels geruchten over een verleden die we niet in de kiem smoorden,
Toen hij single was, ging hij 45 toeren. Wist hij veel dat een vrouw van Venus,
deze marsman zou vloeren. Het voelde zo goed en enkele jaren later
het aanzoek voorbereiden en gelijk de tekst vergeten,
de ring bijna verloren, maar dat valt nog uit te praten
hij blijft een open boek, Anke, jij mag echt alles weten.

Ze zijn open. Heel direct. Hart op de tong,
en wat ze zeggen is ook echt.
De plaatsen die ze afreizen, die ze bezoeken
elke plek is ook een stukje waar zij hem ontdekt. Of hij haar.
Keuzes maken, one love, en Anke is zijn muziek
verruimender dan hiphop en beter dan dat…
Dat kan echt niet.
Rust hebben ze gevonden.
Ook al lijkt die thuisplek een rangeerstation,
van komen en gaan, zij kunnen dit. Stemmen af en passen aan.

Dat half jaar later, na pukkelpop, het gevoel na één maand samenwonen
“dit is thuis” wat ook gelijk huiselijk was.
Waar de reis steeds begint en “eerlijk in alles” ook een moto is.
Bouwgrond gekocht en nu is het wachten op, werken voor dat groener gras.
Liefde is en het verleden dat verleden was,
liefde is in alles,
van de natuur vervat
hoe een koppel zwaluwen door de lucht klieft
de lucht door scheert, zweeft in liefde,
klapperknieën en van vleugelslag.
Turbulent weten wat ze hebben aan elkaar,
vanaf hier wordt het leven, het leven dat ze wilden,
vanaf nu, dit moment is de toekomst daar,
hoe de een de ander een stapje hoger tilde.

De bergwand op.

Jee Kast 2017